tekst hier

Sociaal Dialoog

1.3 Maak een sectorbrede Fair Practice Code

Hoe komen we tot eerlijke vergoedingen voor iedereen die werkt in de culturele en creatieve sector?

In de creatieve en culturele sector komt het nog veel te vaak voor dat mensen werk verrichten zonder dat daar een redelijke vergoeding tegenover staat. De Fair Practice Code moet daar verandering in brengen. Werk- en opdrachtgevers die de code ondertekenen beloven daarmee dat ze iedereen die voor hen werkt een eerlijk honorarium betalen.

Er zijn allerlei voorbeelden te noemen die illustreren hoe werknemers in de creatieve en culturele sector voor minimale vergoedingen hun werk doen, zegt Marianne Versteegh, algemeen secretaris van Kunsten ’92, de organisatie die als aanjager de invoering van de Fair Practice Code coördineert.
‘Je kunt het hebben over de mensen die bij orkesten als remplaçant werken’, zegt zij. ‘Over beeldend kunstenaars die tot voor kort eigenlijk helemaal geen honorarium konden bedingen of over de vele mensen in loondienst die na de grote bezuinigingen in 2012 als zzp’er hetzelfde werk zijn blijven doen, maar dan voor de helft van het geld en zonder goede voorzieningen.’

Een norm voor eerlijk opdrachtgeverschap

De Fair Practice Code (FPC) moet dit soort situaties verleden tijd maken. De FPC wil een norm stellen voor goed en eerlijk opdrachtgeverschap. Partijen die de FPC ondertekenen mogen het Fair Practice Label voeren, waaraan werknemers en zzp’ers kunnen zien dat ze met een opdrachtgever te maken hebben die zich aan de FPC houdt.
De code is opgesteld in overleg met een brede vertegenwoordiging van culturele en creatieve professionals. De FPC biedt kunstenaars en creatieven een handvat om samen met hun opdrachtgevers afspraken vast te leggen over redelijke vergoedingen en arbeidsvoorwaarden.
Binnen deelsectoren van de culturele en creatieve sector (podiumkunsten, beeldende kunst, film, architectuur, et cetera) kan de FPC als leidraad dienen voor meer specifieke regelingen en richtlijnen.

Voortgang

Najaar 2017 is de Fair Practice Code Versie 1.0 gelanceerd, een conceptversie bedoeld als discussiestuk voor de ontwikkeling van een praktisch toepasbare Versie 2.0. Deze verschijnt tegelijk met de website www.fairpracticecode.nl. De werkgroep die de Fair Practice Code opstelde blijft verantwoordelijk voor de verdere ontwikkeling, bekendmaking, het gebruik en de monitoring ervan.
Er is in de tussentijd al veel bereikt, stelt Versteegh: ‘We zien nu al dat de code geland is bij de politiek. Het staat in verschillende collegeakkoorden, bij de Rijksoverheid is het een aandachtspunt, op heel veel plekken – binnen de sector en bij overheden en bestuurders – ziet men dat er een probleem is en dat er oplossingen gevonden moeten worden voor een eerlijke beloning van werkenden in de culturele sector, zowel op de korte als op de lange termijn. Ik denk dat de code over vijf jaar bij iedereen tussen de oren zit en dat mensen zullen proberen die zo veel mogelijk na te leven’

Fair Practice Code vergt 25 miljoen

Op 16 mei 2019 bood Marianne Versteegh van Kunsten ’92 minister Ingrid van Engelshoven het rapport ‘Naar het nieuwe normaal’ aan, waarin is berekend dat uitvoering van de Fair Practice Code in de kunstensector ten minste 25 miljoen euro aan extra subsidies vergt. Lees meer daarover onder de button Activiteiten, hieronder.

27 euro voor een uur lesgeven

Tijdens de Werkconferentie Arbeidsmarktagenda op 21 januari 2019 in Utrecht haalde moderator Ruben Maes zonder veel moeite een aantal schrijnende voorbeelden van onderbetaling op uit de zaal. Een gitaardocent uit het oosten des lands zag hoe zijn beginnende collega’s bij particuliere muziekscholen werden uitgeknepen. ‘Het minimum is eigenlijk 41 euro per uur, maar veel jonge docenten die net van de academie komen krijgen bij particuliere muziekscholen geregeld 27 euro per uur en soms nog minder’, vertelde hij. ‘Daar kun je natuurlijk niet van leven, maar de scholen zeggen heel makkelijk “als je niet akkoord gaat dan vinden we wel een ander”.’

René Goudriaan van SiRM – Strategies in Regulated Markets had voor het meerjarig gesubsidieerde jeugdtoneel en -theater berekend dat wanneer iedereen volgens Fair Practice zou worden betaald, ongeveer 45 vooral kleinere gezelschappen meer geld moesten krijgen, bij elkaar ‘enkele miljoenen’. Het gaat niet alleen om hogere vergoedingen, maar ook om uitbetaling van structureel overwerk.

Fotografenstaking

Persfotograaf Freek van den Bergh schetste de achtergrond van de staking van fotojournalisten op vrijdag 25 januari 2019. ‘Het is een unicum dat fotojournalisten staken. We zijn met 400 fotografen, inclusief alle Zilveren Camerawinnaars. Wij staken vanwege de tarieven, waarover we niet kunnen onderhandelen. We demonstreerden bij het ANP omdat die aankondigde de tarieven te halveren, terwijl wat we tot nu toe krijgen al de helft is van wat normaal zou moeten zijn. Ook bij de grote uitgevers, die samen zo’n beetje het hele medialandschap domineren, kunnen we niet onderhandelen. De tarieven worden ons gewoon opgelegd. Door te staken zetten we onze eis kracht bij dat we voor online publicaties van onze foto’s hetzelfde willen krijgen als voor print.’

De voorbeelden zijn legio. Maar hoe het ook kan vertelde iemand van een organisatie uit Drenthe, die met veel zzp’ers werkt en een standaardvergoeding van 55 euro hanteert. De organisatie heeft dat uurbedrag ook op de website staan zodat iedereen weet waar hij aan toe is.


Lees ook

Uurtarieven zzp’ers in de kunsten structureel te laag

De helft van de zzp’ers die in de kunsten werken, verdient netto 28 euro per uur of minder. Bijna 33 procent verdient minder dan 15 euro per uur. Dat blijkt uit een rapport van onderzoeksbureau Lahaut, gebaseerd op cijfers van het CBS en Stichting Economisch Onderzoek.
Lees het hele artikel

Uitvoering Fair Practice Code vergt minimaal € 25 mln

De minimale meerkosten van het in praktijk brengen van de Fair Practice Code bedragen in totaal € 25,4 miljoen. Dat blijkt uit onderzoek dat Kunsten ’92 met steun van het ministerie van OCW heeft laten uitvoeren.

Om werknemers en zzp’ers in de kunstensector te honoreren volgens de Fair Practice Code is minimaal € 25,4 miljoen nodig (loonpeil 2021). Deze meerkosten bestaan voor iets minder dan de helft uit een compensatie voor onbetaald structureel overwerk en voor ruim de helft uit een compensatie voor tekortschietende beloning (ten opzichte van een bestaande cao of beloningsrichtlijn).

Daarnaast moet rekening worden gehouden met de indexering (loonstijging): om de beloning van werkenden in de culturele en creatieve sector gelijke tred te laten houden met de rest van de economie (2017-2021) is een bedrag van € 64,7 miljoen nodig.

Dat blijkt uit het onderzoek ‘Op weg naar het nieuwe normaal’ dat op 16 mei is aangeboden aan minister Ingrid van Engelshoven (OCW). Het rapport is in opdracht van Kunsten ’92 opgesteld door Paul Postma Marketing Consultancy en SiRM (Strategies in Regulated Markets).

Deel sector onderzocht

Het onderzoek is uitgevoerd in een aantal deelsectoren: meerjarig gesubsidieerde podiumkunsten (vier genres: theater, dans, muziektheater en muziek), alle middelgrote en grote musea, en alle presentatie-instellingen voor beeldende kunst. Bovendien betreft het dat deel van de culturele en creatieve sector waarvoor de rijksoverheid primair de financiële verantwoordelijkheid draagt. De berekende meerkosten gaan uit van de huidige omvang van de sector.

Uit het onderzoek komt naar voren dat het mogelijk is om met relatief kleine bedragen knelpunten bij vele kleinere instellingen al op korte termijn op te lossen. Hiervoor kunnen middelen uit het nog beschikbare budget (ca. € 28 miljoen van de € 80 miljoen van het regeerakkoord) worden aangewend.

Overige conclusies

Prijs- en loonkostenindexatie in de cultuursector dient gelijke tred te houden met de rest van de economie en moet daarom structureel jaarlijks toegekend worden. Fatsoenlijke beloning in de cultuursector is niet alleen de verantwoordelijkheid van de Rijksoverheid, maar evenzeer van provincies en gemeenten.

Opdracht aan het culturele veld is om oplossingen te zoeken binnen bestaande cao’s en richtlijnen, die voor verbetering vatbaar zijn. Waar cao’s en richtlijnen ontbreken zal de sector die zelf moeten ontwikkelen; hierin kunnen het veld en in het bijzonder de sociale partners hun verantwoordelijkheid nemen.

De personeelsopbouw binnen organisaties is ook een punt van aandacht voor de cultuursector: in het algemeen zijn de onderzochte deelsectoren buitengewoon sterk geflexibiliseerd.

In het onderzoek zijn verschillende sectoren nog buiten beschouwing gelaten, bijvoorbeeld de popsector. Daar moet nader onderzoek naar worden gedaan. Het benodigde bedrag voor eerlijke beloning in de gehele cultuursector zal dus nog hoger zijn.

Lees hier het volledige rapport

Onder andere Trouw, Het Financieele Dagblad, Nu.nl en NPO Radio 1 besteedden aandacht aan het onderzoek

 

Fair Practice Code 2.0 nu online

De nieuwste versie van de Fair Practice Code, de gedragscode voor ondernemen en werken in kunst, cultuur en creatieve industrie, is tegelijk met een nieuwe website gepubliceerd.

Tijdens de Werkconferentie Arbeidsmarktagenda op 21 januari jl. in Utrecht is de Fair Practice Code 2.0 gepresenteerd. Tegelijkertijd ging de nieuwe website fairpracticecode.nl online. De website biedt de mogelijkheid om een quickscan te doen, waarmee werkenden en opdrachtgevers in een tien stappen kunnen testen in hoeverre zij aan de Fair Pratice Code voldoen.

De Fair Practice Code (FPC) is een gedragscode voor ondernemen en werken in de culturele en creatieve sector op basis van vijf kernwaarden: solidariteit, diversiteit, vertrouwen, duurzaamheid en transparantie. In het najaar van 2017 is een eerste versie gepubliceerd. Op basis van reacties hierop is de code op enkele punten aangepast.

Tijdens de Werkconferentie Arbeidsmarktagenda in TivoliVredenburg bleek dat de FPC sneller dan gedacht is omarmd door overheden en organisaties. Inmiddels hebben verschillende gemeenten en ook de minister van OCW aangegeven dat ze de FPC als voorwaarde willen stellen bij toekomstige subsidietoekenning.

Grote behoefte aan FPC

Tijdens de presentatie bleek dat er grote behoefte bestaat aan een richtlijn als de FPC om tot eerlijke honorering en betere arbeidsverhoudingen te komen. Verschillende freelancers uit kunst- en muziekwereld gaven voorbeelden van uurtarieven van 30 euro of minder, waarbij vaak lang niet alle gemaakte uren ook worden uitbetaald. In praktijk betekent dit dat veel kunst- en cultuuruitingen feitelijk worden gesubsidieerd door de makers.

Zo berekende het Platform Freelance Musici dat onderbetaalde freelance musici samen 5 miljoen euro per jaar mislopen. Bestuurders van instellingen en gezelschappen gaven aan dat subsidieverstrekkers vaak niet gevoelig zijn voor dit soort calculaties. Naarmate steeds meer gemeenten, Rijksfondsen en werk- en opdrachtgevers de FPC in praktijk gaan brengen, kan hier verandering in komen.

De Fair Practice Code 2.0 is te vinden op www.fairpracticecode.nl

Aanjager

Marianne Versteegh
Algemeen secretaris Kunstenbond ’92